Karst Tjoelker

Freelance journalist

Onze adem geneest

Onze adem geneest

Een juiste ademhaling ontspant, bevrijdt en geneest. Het lijkt te mooi om waar te zijn, maar de wetenschap lijkt er voorzichtig mee in te stemmen.

Een juiste ademhaling ontspant, bevrijdt en geneest. Het lijkt te mooi om waar te zijn, maar de wetenschap lijkt er voorzichtig mee in te stemmen. Wat is goed ademhalen en wat haalt het uit? En, is het moeilijk om te leren?

Er is een nieuw geneesmiddel op de markt. Een wondermiddel. Het vermindert geestelijke spanning vrijwel onmiddellijk en verzacht lichamelijke pijn. Het maakt u scherper, alerter, heeft een gunstig effect op uw bloeddruk en uw aanmaak van cortisol. Ook is het heilzaam voor uw immuunsysteem en doet het wonderen voor uw reukvermogen. Het werkt goed tegen angst en depressie en als u het middel lang genoeg inneemt, kan het u helemaal afhelpen van de symptomen. Slapeloosheid, druk op de borst, darmproblemen: idem. De mensen die het al gebruiken, zweren erbij en kunnen niet zonder. En het beste moet nog komen. Het is, echt waar, gratis.

Goed, het is eigenlijk niet nieuw. Het is ook niet echt een medicijn; het heeft geen vaste of vloeibare vorm. Helemaal gratis is het ook niet, want je moet het leren, uit een boek, of beter nog, via een leraar. Toch kan iedereen het, en is er geen woord gelogen over de effecten. Goed leren ademhalen is gezond. Goed ademhalen ontspant. Een goede ademhaling geneest en is de sleutel tot een vrijer leven.

Tenminste, dat zeggen ademtherapeuten. Tijd om me erin te verdiepen en het zelf te ervaren.

Meditatie voor mensen die niet kunnen mediteren

‘Het is meditatie voor mensen die niet kunnen mediteren’, zegt de Amerikaanse psychologe Belissa Vranich in The New York Times. Haar boek Breathe leert de lezer goed ademhalen in tien minuten per dag, twee weken lang.

‘Je adem beïnvloedt alles’, schrijft ze. Ze vindt het raar dat medisch specialisten hun patiënten van alles voorschotelen, maar het vrijwel nooit over de ademhaling hebben. ‘We gaan er vanuit dat een effectieve ademhaling gewoon gebeurt.’

Dat is niet helemaal waar, vindt ook de Nederlandse psycholoog en ademtherapeut Peter Kampschuur. ‘Goed ademen gaat ermee gepaard dat het accent van de adembeweging onder de navel ligt. De beste manier van ademen is de bekkenademhaling, waarbij de beweging rond wordt tot in de bekkenbodem, alsof je letterlijk inademt tot in je zitvlak. Dat is heel ontspannend, als je er tenminste ook goed bij uitademt.’

Baby’s en kinderen doen het vaak precies zoals het hoort — vanuit de buik, in een geschikt tempo. Volwassenen, helaas, lang niet altijd. Spanning, tegenslag, trauma’s en slechte gewoontes zorgen ervoor dat we hoger gaan ademen. ‘Hoe hoger het accent van de adembeweging ligt, hoe meer spanning men opbouwt in de borstkas. En als je niet helemaal uitademt, houd je die spanning ook vast.’

Het sympatische systeem

In The healing power of the breath (2012) leggen ademtherapeuten Richard Brown en Patricia Gerbarg uit dat een verkeerde manier van ademhalen onnodig veel het sympatische systeem activeert — het systeem dat verantwoordelijk is voor vecht- en vluchtreacties. Een diepe, rustige ademhaling activeert het parasympatische systeem en werkt daarom ontspannend.

‘In het ergste geval is iemand geheel en al verkrampt en doen zich allerlei stapeleffecten voor’, vertelt Kampschuur. ‘Wie jarenlang te weinig spanning loslaat, loopt grote kans op verschijnselen als chronische vermoeidheid en een heel scala aan psychosomatische aandoeningen. Ongunstig ademen leidt op den duur tot uitputting, en dat kan — via een haperend immuunsysteem — overgaan in ziekte. Daarnaast kun je ook in specifieke spiergroepen, gewrichten en organen spanningen vasthouden.’

Wetenschappelijk onderzoek

Kennis over goed ademen is niet nieuw, maar er is recent onderzoek dat de genezende effecten bevestigt. Chris Streeter, psychiater aan de universiteit van Boston, ontdekte dat een combinatie van yoga en gecontroleerd ademhalen een gunstig effect had op neerslachtige patiënten. De depressiesymptomen verminderden en er bleek sprake van een verhoogd niveau van GABA — een neurotransmitter met kalmerende effecten. In South Carolina vonden wetenschappers een verband tussen gecontroleerde ademhaling en een versterking van het immuunsysteem.

In Nederland is arts Jan van Dixhoorn al een tijdje bezig met onderzoek op dit gebied. Al in de jaren tachtig ontdekte hij dat ademtherapie voor hartinfarctpatiënten een behoorlijk resultaat had — bij mensen die anders hadden leren ademen was er een daling van 30 procent in ‘cardiale gebeurtenissen’. Hij ontwikkelde de ‘Methode van Dixhoorn’.

De resultaten van zijn therapie, bijgehouden van 2006 tot 2015: bij 60 procent van de patiënten was er sprake van een ‘goed effect’. Bij patiënten met spanningsproblemen zonder specifieke oorzaak, zoals slaapstoornissen, hoofdpijn of vermoeidheid, zelfs bij 67 procent.

‘Er zit een bias in’, erkent Van Dixhoorn. ‘Het zijn mensen die zelf hebben gekozen voor deze methode en dus gemotiveerd zijn. Dat is een absolute voorwaarde. Je hoeft niet te geloven dat het werkt, maar je moet wel bereid zijn om het te proberen. Het vraagt om wat je ervaart, te accepteren.’

Van Dixhoorns therapie richt zich niet op een specifiek punt. ‘Het hele lichaam doet mee aan het ademen in mijn optiek.’ Ideaal gezien is de afvoer van spanning verbeterd na de therapie, waarna de klachten die daarmee samenhangen verdwijnen. De methode is ingezet bij van alles, van hoofdpijn tot burn-out, van hartproblemen tot HIV-symptomen.

Cardiologen vinden het echter niet interessant, merkt Van Dixhoorn. ‘Die willen mensen medicijnen geven, of opereren. Ze worden betaald om iets te doen, niet om mensen te trainen zodat het zonder verrichting kan. Er is geen waardering voor dingen die vanzelf kunnen.’

Het qi-punt

De methode van meditatieleraar Hetty Draayer — die Kampschuur opleidde — zit anders in elkaar: je leert ademen via het zogenaamde ‘qi-punt’ in het heiligbeen. Ook Kampschuur ziet de motivatie van zijn cliënten als een volstrekte voorwaarde.

‘Het komt voor dat het goede ademen wordt gehinderd door een fysieke stoornis, maar meestal zijn de moeilijkheden van psychische aard. “Hoger” ademen leidt tot minder voelen, minder contact met je emoties en diepere onderbuikgevoelens. Veel mensen willen inderdaad liever niet alles voelen wat er in hun lijf te voelen valt. Je kunt leren om daar “doorheen te ademen” en het één en ander alsnog los te laten, maar lang niet iedereen heeft er het onvermijdelijke ongemak van “weer meer voelen” voor over.’

Persoonlijke ervaring

Anders leren ademen — het leek me persoonlijk behoorlijk lastig. En dat is het ook. Inmiddels oefen ik nu ruim een jaar met het ademen vanuit het qi-punt; een punt net boven het schaambeen, maar dan ruim daarachter, bijna tegen het heiligbeen aan. Ik vond dat punt nogal laag toen ik begon. Het leek alsof ik een afgesloten ruimte in mezelf moest openbreken. Maar, zo leerde ik, het is boven alles belangrijk om niet je best te doen — iets wat regelrecht indruist tegen alles wat ik ooit heb geleerd.

Na een tijdje dagelijks oefenen — drie kwartier in de ochtend, drie kwartier in de avond — lukte het toch. Er kwam ontspanning, een diepe ontspanning. Maar ook werd ik angstig, zomaar ineens, of huilerig. Soms werd ik tijdens een ademoefening zo kwaad dat ik met mijn vuisten op de yogamat begon te slaan. Ik begon dingen te voelen. Dingen waarvoor ik ooit was weggelopen.

Nu, ruim een jaar later, ben ik ontzettend blij met de methode. Ik voel me lichter, vrijer, gezonder en meer ontspannen. Langzaam maar zeker leer ik mee te deinen op de schommelingen; er worden steeds weer nieuwe dingen opgediept. Het is een heel proces, een proces dat eindeloos door kan gaan.

‘We gaan in ons persoonlijke leven, met ons eigen lijf, vaak net zo ongunstig om als op grotere schaal met de natuur’, vindt Kampschuur. ‘Wat veel mensen vooral niet willen, is zich bewust worden van wat de noodkreten van hun lichaam betekenen. Dan is een pil gemakkelijker, terwijl je op den duur toch een prijs betaalt voor alles wat je niet uitwerkt en loslaat.’

Dit artikel verscheen eerder in The Optimist (NL) van juni 2017